Ik wil huren
Hoelang moet ik wachten op een huurwoning?
De wachtlijsten zijn lang en we kunnen niet voorspellen hoelang je op een woning moet wachten.
De wachttijd is afhankelijk van onder andere:
- de gemaakte keuze: bij een beperkte keuze kan de wachttijd oplopen
- het aantal kandidaten dat al op de wachtlijst staat
- het aantal huurwoningen dat vrij komt
- de voorrangsregels
Wat is mijn plaats op de wachtlijst?
De plaats op de wachtlijst wordt niet vermeld, omdat die niets zegt over de duur van de wachttijd.
Hoe stel ik mij kandidaat?
Je schrijft je online in als je een sociale woning wilt huren in Vlaanderen.
Dat doe je via het digitaal platform voor alle kandidaat-huurders, het Centraal Inschrijvingsregister (CIR). Dat ontwikkelde de Vlaamse overheid.
Kom ik in aanmerking?
Middelentoets
Om een sociale woning te huren, mogen jouw financiële middelen niet hoger zijn dan een bepaald bedrag. Dit noemen we de middelentoets. Met financiële middelen bedoelen we geld dat je meteen beschikbaar hebt. Het gaat om jouw geld op een bank, spaar- of beleggingsrekening.
De totale som mag niet hoger zijn dan het grensbedrag. Het grensbedrag hangt af van jouw persoonlijke gezinssituatie. Dat zie je in de tabel hieronder.
Bij je inschrijving moet je in het centraal inschrijvingsregister aanduiden of jouw financiële middelen minder bedragen dan het toegelaten bedrag. Als jouw middelen hoger zijn, kan je niet inschrijven voor een sociale woning.
Op het moment dat je huurder wordt, controleert de woonmaatschappij opnieuw jouw financiële middelen via recente rekeningafschriften.
Je financiële middelen moeten onder de volgende grenzen liggen:
| Grensbedrag | Extra per persoon ten laste | |
| Alleenstaande zonder persoon ten laste | 29.515 euro | |
| Alleenstaande gehandicapt zonder persoon ten laste | 31.987 euro | |
| In alle andere gevallen * | 44.270 euro | 2.475 euro |
*Voor meer informatie, kan je naar https://www.vlaanderen.be/sociaal-woonbeleid/verhuren/inschrijven/de-middelentoets surfen.
Eigendom
Je kunt niet inschrijven als je een woning of bouwgrond volledig of gedeeltelijk:
- in volle eigendom, vruchtgebruik, erfpacht of opstal hebt.
- in erfpacht, opstal of vruchtgebruik hebt gegeven.
Deze voorwaarde geldt voor de toekomstige referentiehuurder. Ze geldt ook voor de persoon die met de referentiehuurder gehuwd is, die ermee wettelijk samenwoont of die de feitelijke partner is en de woning mee zal bewonen.
De voorwaarde geldt ook voor een woning of bouwgrond in het buitenland.
Bracht je als zaakvoerder, bestuurder of aandeelhouder een woning of bouwgrond in een vennootschap in? Dan kan je ook niet inschrijven.
Er zijn een paar uitzonderingen mogelijk:
- Je woning is onbewoonbaar of ongeschikt verklaard. Dit gebeurde maximaal 2 maanden voor jouw inschrijving.
- Jouw woning is onaangepast aan je fysieke beperking.
- Je hebt een handicap en komt in aanmerking voor een ADL-woning.
- Je hebt een woning in een ruimtelijke bestemmingszone in België waar wonen niet mag (zoals een campingverblijf).
- Je verliest het beheer van je woning door een collectieve schuldenregeling of een faillissement.
- Je hebt een eigendom met een (ex-)partner die de woning niet mee gaat bewonen.
- Je hebt een woning of bouwgrond gedeeltelijk in eigendom(srecht) kosteloos verworven, bijvoorbeeld via een erfenis of schenking.
Leeftijd
Je kan je alleen maar inschrijven als je ouder bent dan 18 jaar.
Jij als huurder en je eventuele partner ondertekenen het inschrijvingsformulier.
Er zijn twee uitzonderingen.
- Ben je nog geen 18 jaar, maar woon je begeleid zelfstandig of ga je met begeleiding zelfstandig wonen? Dan kan je wel inschrijven. Je moet hiervoor wel een bewijs van een erkende dienst voor begeleid zelfstandig wonen die jou begeleidt binnenbrengen.
- Ben je een ontvoogde minderjarige? Dan kan je wel inschrijven. Breng je vonnis mee.
Inschrijving in register
Je moet ingeschreven zijn in het bevolkingsregister of het vreemdelingenregister. Je hebt dus een domicilie-of referentieadres.
Het is niet genoeg als je ingeschreven bent in het wachtregister.
Inkomen
Je inkomen mag niet te hoog zijn. Met inkomen bedoelen we het gezamenlijk belastbaar inkomen, afzonderlijk belastbaar inkomen, inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT), leefloon en de van belasting vrijgestelde beroepsinkomsten uit het buitenland of verworven bij een Europese of internationale instelling.
Enkel het inkomen van de toekomstige referentiehuurder en zijn of haar partner (gehuwde) of feitelijke of wettelijke samenwoner die mee de woning gaat bewonen, telt mee.
Wij kijken naar het inkomen van het meest recente jaar (maximum drie jaar oud) waarvoor een aanslagbiljet beschikbaar is. Binnen één gezin zijn verschillende inkomensjaren mogelijk, maar we indexeren ze allemaal naar het huidige jaar.
Als het inkomen de inkomensgrens overschrijdt of als niemand een inkomen heeft, dan kijken we naar het huidig inkomen.
Hoe hoog mag je inkomen zijn?
Het maximale inkomen als je inschrijft in 2024:
| Jouw gezinstype | Geïndexeerde inkomensgrens 2024 |
| Alleenstaande | 29.515 euro |
| Alleenstaande met handicap | 31.987 euro |
| Iedere andere persoon zonder kinderen | 44.270 euro |
| Verhoging per persoon ten laste* | 2.475 euro |
* Een persoon ten laste is:
- een kind dat op jouw adres is ingeschreven en dat minderjarig is.
- een kind voor wie je gezinsbijslagen krijgt.
- jouw kind dat regelmatig bij jou verblijft en minderjarig is.
- iemand die erkend is als ernstig gehandicapt.
Zit je in collectieve schuldenregeling, budgetbegeleiding of budgetbeheer?
We kijken naar je actueel besteedbaar inkomen. Was het inkomen van het jaar van je meest recente aanslagbiljet te hoog, maar verdien je nu minder? Dan kijken we naar je inkomen in minstens drie van de afgelopen zes maanden.
Wat is de huurprijs van een sociale huurwoning?
Eigen woningen
Om de huurprijs te berekenen, kijken we naar je inkomen, je gezin en de kwaliteit van de woning.
De formule is:
Inkomen/54 - gezinskorting - patrimoniumkorting + huurlasten + energiecorrectie = huurprijs
Inkomen gezinsleden met een ernstige handicap krijgen een vermindering van 14.865,77 euro (2024)
Jouw inkomen bepaalt grotendeels de huurprijs. We kijken naar het inkomen van de huurders en alle meerderjarige gezinsleden (behalve meerderjarige kinderen die nog kinderbijslag genieten en gezinsleden met een ernstige handicap krijgen een vermindering van 14.865,77 euro (2024). We nemen het inkomen van jouw meest recente aanslagbiljet, het referentie-inkomen. Dit gaat niet noodzakelijk voor alle gezinsleden over het inkomen van hetzelfde jaar.
Enkel als jij en jouw gezin geen referentie-inkomen hebben, dan kijken we naar jullie huidige inkomsten.
Het gevonden inkomen indexeren we en delen we door 54.
Is jouw inkomen hoger dan een bepaalde grens? Dan delen we door 53, 52 of 51 in plaats van 54.
Gezinssamenstelling
Je krijgt een korting van 22 euro (2024) per kind of persoon ten laste. Deze vermindering op de basishuurprijs heet de gezinskorting.
Woont je kind bij je ex-partner, maar verblijft het regelmatig in de sociale woning? Dan halveren we de korting. Elke partner krijgt dan de helft.
We verdubbelen de korting als het kind erkend is als ernstig gehandicapt.
We verdubbelen de korting ook als het een meerderjarig familielid tot de 3de graad is met een ernstige handicap.
Woningkwaliteit
Sommige huurders krijgen een extra korting. De marktwaarde van de woning bepaalt die korting. De marktwaarde is de huurprijs die jouw woning zou hebben op de private huurmarkt.
Hoe goedkoper de woning op de huurmarkt zou zijn, hoe groter de korting die wij geven. Dat heet de patrimoniumkorting.
Extra huurlasten
Soms betaal je boven op de huur nog aantal extra maandelijkse kosten. Dit is bijvoorbeeld de huur van een garage, het onderhoud van gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw, het onderhoud van centrale verwarming, ...
Vermindering onroerende voorheffing
Heb je twee kinderen of meer ten laste of ben jij of iemand van je gezin ernstig gehandicapt? Dan kom je misschien in aanmerking voor de vermindering onroerende voorheffing. Dit is een vermindering op de grondlasten die onze woonmaatschappij als eigenaar betaalt.
We ontvangen deze vermindering en vergelijken het bedrag met de sociale korting. Je krijgt het hoogste van de twee kortingen: ofwel de sociale korting, ofwel de vermindering op de onroerende voorheffing.
Lees er meer over op de website van de Vlaamse Belastingdienst (VLABEL).
Energiecorrectie
Als wij extra geld investeerden om jouw woning energiezuiniger en milieuvriendelijker te maken, dan verbruik je minder energie. Je bespaart dan geld op het gebruik van verwarming en warm water.
Om onze investering terug te kunnen verdienen, rekenen we een maandelijkse bedrag aan boven op jouw huurprijs. Deze toeslag heet de energiecorrectie en telt enkel voor woningen met energiezuinige investeringen, zoals een goede isolatie of een zuinige verwarmingsketel.
De grootte van deze toeslag hangt af van de hoeveelheid energie die jij minder verbruikt door onze extra investering. Deze hoeveelheid energie berekenen we volgens de regels die de Vlaamse Regering vastlegde.
De uitgespaarde hoeveelheid energie rekenen we gedeeltelijk door aan het voordelige sociaal tarief. Op deze manier is de toeslag een eerlijk bedrag, dat altijd lager is dan het bedrag dat jij bespaart op jouw energiefactuur.
Sociale huurschatter
Je huurprijs hangt ook af van de marktwaarde van jouw woning. Dat is de prijs die je zou betalen voor een gelijkaardige woning op de private markt.
De waarde van je woning bepalen we aan de hand van een schattingsmodel, de sociale huurschatter. Om de waarde te bepalen kijken we naar de ligging en andere eigenschappen, zoals het aantal slaapkamers of het bouwjaar. Op deze manier kunnen we een nog juister bedrag op de waarde van jouw woning plakken.
Goed om weten
De huurprijs heeft een onder- en een bovengrens. Je betaalt nooit meer dan wat iemand voor een vergelijkbare woning in dezelfde omgeving op de private huurmarkt zou betalen.
Je betaalt ook nooit minder dan de minimale huurprijs + energiecorrectie, ongeacht het inkomen van je gezin. De minimale huurprijs hangt af van de marktwaarde (basishuurprijs) van de woning.
Ingehuurde woningen
Voor een ingehuurde woning, betaal je een vaste huurprijs die niet van je inkomen afhangt.
Vaste huurprijs
Wij onderhandelen met de eigenaar de best mogelijke huurprijs. Er zijn geen wettelijke regels over hoeveel huur een woonmaatschappij mag betalen aan de eigenaar en hoeveel we dus aan jou vragen. Daardoor kan de huurprijs van twee woningen verschillen, ook al lijken ze op gelijkwaardig.
Het is wel zeker dat de huurprijs die je bij ons betaalt lager is dan de huurprijs op de private markt. We kijken ook naar de grenzen van de huursubsidie (zie verder).
Een lagere huurprijs dankzij extra financiële steun
We helpen jou om tussenkomsten zoals de huursubsidie of een verminderde onroerende voorheffing aan te vragen, als je daarvoor in aanmerking komt.
Huursubsidie
De huursubsidie is een maandelijkse tussenkomst in de huurprijs, zodat je huurprijs lager is. Er zijn een paar voorwaarden om een huursubsidie te krijgen. We helpen jou om dit uit te zoeken.
Heb je recht op een huursubsidie? Dan verrekenen we deze subsidie automatisch in jouw huurprijs.
Meer informatie over de huursubsidie vind je op de website van het agentschap Wonen-Vlaanderen.
Vermindering onroerende voorheffing
Heb je twee kinderen of meer ten laste of ben jij of iemand van je gezin ernstig gehandicapt? Dan kan je de vermindering onroerende voorheffing krijgen.
De eigenaar betaalt de onroerende voorheffing, maar je kan als huurder deze vermindering toch aanvragen.
Wij doen de aanvraag voor jou en volgen op of de vermindering jou effectief elk jaar ten goede komt. Jij krijgt elk jaar een brief met het bedrag van de vermindering, dat we een keer per jaar aftrekken van jouw huurprijs. Meer informatie lees je op de website van de Vlaamse Belastingsdienst (VLABEL).
Kom ik in aanmerking?
Middelentoets
Om een sociale woning te huren, mogen jouw financiële middelen niet hoger zijn dan een bepaald bedrag. Dit noemen we de middelentoets. Met financiële middelen bedoelen we geld dat je meteen beschikbaar hebt. Het gaat om jouw geld op een bank, spaar- of beleggingsrekening.
De totale som mag niet hoger zijn dan het grensbedrag. Het grensbedrag hangt af van jouw persoonlijke gezinssituatie. Dat zie je in de tabel hieronder.
Bij je inschrijving moet je in het centraal inschrijvingsregister aanduiden of jouw financiële middelen minder bedragen dan het toegelaten bedrag. Als jouw middelen hoger zijn, kan je niet inschrijven voor een sociale woning.
Op het moment dat je huurder wordt, controleert de woonmaatschappij opnieuw jouw financiële middelen via recente rekeningafschriften.
Je financiële middelen moeten onder de volgende grenzen liggen:
| Grensbedrag | Extra per persoon ten laste | |
| Alleenstaande zonder persoon ten laste | 29.515 euro | |
| Alleenstaande gehandicapt zonder persoon ten laste | 31.987 euro | |
| In alle andere gevallen * | 44.270 euro | 2.475 euro |
*Voor meer informatie, kan je naar https://www.vlaanderen.be/sociaal-woonbeleid/verhuren/inschrijven/de-middelentoets surfen.
Eigendom
Je kunt niet inschrijven als je een woning of bouwgrond volledig of gedeeltelijk:
- in volle eigendom, vruchtgebruik, erfpacht of opstal hebt.
- in erfpacht, opstal of vruchtgebruik hebt gegeven.
Deze voorwaarde geldt voor de toekomstige referentiehuurder. Ze geldt ook voor de persoon die met de referentiehuurder gehuwd is, die ermee wettelijk samenwoont of die de feitelijke partner is en de woning mee zal bewonen.
De voorwaarde geldt ook voor een woning of bouwgrond in het buitenland.
Bracht je als zaakvoerder, bestuurder of aandeelhouder een woning of bouwgrond in een vennootschap in? Dan kan je ook niet inschrijven.
Er zijn een paar uitzonderingen mogelijk:
- Je woning is onbewoonbaar of ongeschikt verklaard. Dit gebeurde maximaal 2 maanden voor jouw inschrijving.
- Jouw woning is onaangepast aan je fysieke beperking.
- Je hebt een handicap en komt in aanmerking voor een ADL-woning.
- Je hebt een woning in een ruimtelijke bestemmingszone in België waar wonen niet mag (zoals een campingverblijf).
- Je verliest het beheer van je woning door een collectieve schuldenregeling of een faillissement.
- Je hebt een eigendom met een (ex-)partner die de woning niet mee gaat bewonen.
- Je hebt een woning of bouwgrond gedeeltelijk in eigendom(srecht) kosteloos verworven, bijvoorbeeld via een erfenis of schenking.
Leeftijd
Je kan je alleen maar inschrijven als je ouder bent dan 18 jaar.
Jij als huurder en je eventuele partner ondertekenen het inschrijvingsformulier.
Er zijn twee uitzonderingen.
- Ben je nog geen 18 jaar, maar woon je begeleid zelfstandig of ga je met begeleiding zelfstandig wonen? Dan kan je wel inschrijven. Je moet hiervoor wel een bewijs van een erkende dienst voor begeleid zelfstandig wonen die jou begeleidt binnenbrengen.
- Ben je een ontvoogde minderjarige? Dan kan je wel inschrijven. Breng je vonnis mee.
Inschrijving in register
Je moet ingeschreven zijn in het bevolkingsregister of het vreemdelingenregister. Je hebt dus een domicilie-of referentieadres.
Het is niet genoeg als je ingeschreven bent in het wachtregister.
Inkomen
Je inkomen mag niet te hoog zijn. Met inkomen bedoelen we het gezamenlijk belastbaar inkomen, afzonderlijk belastbaar inkomen, inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT), leefloon en de van belasting vrijgestelde beroepsinkomsten uit het buitenland of verworven bij een Europese of internationale instelling.
Enkel het inkomen van de toekomstige referentiehuurder en zijn of haar partner (gehuwde) of feitelijke of wettelijke samenwoner die mee de woning gaat bewonen, telt mee.
Wij kijken naar het inkomen van het meest recente jaar (maximum drie jaar oud) waarvoor een aanslagbiljet beschikbaar is. Binnen één gezin zijn verschillende inkomensjaren mogelijk, maar we indexeren ze allemaal naar het huidige jaar.
Als het inkomen de inkomensgrens overschrijdt of als niemand een inkomen heeft, dan kijken we naar het huidig inkomen.
Hoe hoog mag je inkomen zijn?
Het maximale inkomen als je inschrijft in 2024:
| Jouw gezinstype | Geïndexeerde inkomensgrens 2024 |
| Alleenstaande | 29.515 euro |
| Alleenstaande met handicap | 31.987 euro |
| Iedere andere persoon zonder kinderen | 44.270 euro |
| Verhoging per persoon ten laste* | 2.475 euro |
* Een persoon ten laste is:
- een kind dat op jouw adres is ingeschreven en dat minderjarig is.
- een kind voor wie je gezinsbijslagen krijgt.
- jouw kind dat regelmatig bij jou verblijft en minderjarig is.
- iemand die erkend is als ernstig gehandicapt.
Zit je in collectieve schuldenregeling, budgetbegeleiding of budgetbeheer?
We kijken naar je actueel besteedbaar inkomen. Was het inkomen van het jaar van je meest recente aanslagbiljet te hoog, maar verdien je nu minder? Dan kijken we naar je inkomen in minstens drie van de afgelopen zes maanden.
Krijg ik voorrang?
De volgorde op de wachtlijst is de volgorde van de inschrijvingen. Als je inschrijft, kom je dus op de laatste plaats terecht. Voorbeeld: jij bent ingeschreven op plaats 100, dan krijgen eerst de 99 personen voor jou een woning.
Soms krijg je voorrang op een woning. De wet bepaalt wanneer.
Vier pijlers
Sinds 1 januari 2024 gebeuren de toewijzingen via 4 zogenaamde pijlers:
- Pijler 1 zijn de standaardtoewijzingen
- Pijler 2 zijn de versnelde toewijzingen
- Pijler 3 zijn de toewijzingen aan specifieke doelgroepen
- Pijler 4 zijn de interne mutaties wegens dringende reden en bijzondere toewijzingen
Wat die pijlers inhouden, dat lees je hieronder.
Pijler 1: de standaardtoewijzingen
Standaard kijken we als woonmaatschappij naar:
- de aangepastheid van de woning
- de rationele bezetting van de woning
- de langdurige woonbinding van de kandidaat-huurder
- het verlenen of krijgen van mantelzorg van of aan een persoon die woont in de gemeente waar de toe te wijzen woning ligt
- de chronologische volgorde van de inschrijvingen
Aangepastheid van de woning
We controleren of je een aangepaste woning nodig hebt. Een aangepaste woning is aangepast aan personen met een fysieke handicap of beperking en die nood hebben aan zo’n woning.
Daarnaast kan een sociale assistentiewoning of een ADL-woning alleen toegewezen worden aan de kandidaat-huurder die zich voor deze woningen heeft ingeschreven.
Rationele bezetting
Met hoeveel mensen mag je in een woning wonen? Dat is de rationele bezetting. Elke woonmaatschappij bepaalt zelf de rationele bezetting en integreert dit ook in het intern huurreglement. Je vindt onze invulling van de rationele bezetting terug in bijlage 1.
Langdurige woonbinding van de kandidaat-huurder
Het aantal jaar dat je in de gemeente hebt gewoond waar de huurwoning ligt. Dat is de langdurige woonbinding. Standaard besliste Vlaanderen dat als je de afgelopen tien jaar minstens vijf jaar onafgebroken in de gemeente woonde, dat je dan voorrang krijgt.
De wetgeving laat toe dat een gemeente die regels strenger maakt. Bijvoorbeeld zeggen dat kandidaat-huurders de afgelopen vijftien jaar onafgebroken in de gemeente hebben gewoond. Dit is dus een verstrenging.
Is een woonmaatschappij actief in verschillende gemeenten? Dan kunnen die gemeenten beslissen dat de langdurige woonbinding voor alle gemeenten telt, en niet alleen voor de gemeente waar jij woont.
In ons toewijzingsreglement lees je alles over de langdurige woonbinding in de gemeenten waar wij werken.
Mantelzorg
Geef of ontvang je mantelzorg van een persoon in de gemeente waar de toe te wijzen woning ligt? Dan kan je als kandidaat-huurder voorrang krijgen. Dit is een beslissing van de gemeenten uit ons werkingsgebied.
Meer weten? Kijk in ons toewijzingsreglement.
De chronologische volgorde van de inschrijvingen in het inschrijvingsregister
Standaard gaat een woning naar wie het langste op de wachtlijst staat.
Pijler 2: versnelde toewijzingen
Pijler 2 zijn de versnelde toewijzingen. Het is een vast percentage van 20% van alle toewijzingen per jaar in het werkingsgebied of in het deelwerkingsgebied. De toewijzingsraad van de woonmaatschappij berekent het aandeel.
Binnen deze pijler (versnelde toewijzingen) zijn er 5 hoofddoelgroepen:
- dak- en thuislozen of personen die dak- of thuisloos dreigen te worde
- jongeren die begeleid zelfstandig wonen of begeleid zelfstandig gaan wonen met begeleiding door een erkende dienst
- kandidaat-huurders met een geestelijke gezondheidsproblematiek
- kandidaat-huurders die in slechte huisvesting wonen
- en kandidaat-huurders die zich in bijzondere omstandigheden van sociale aard bevinden.
Binnen de hoofddoelgroep van (dreigende) dak- en thuisloosheid zijn er nog 5 subdoelgroepen:
- De kandidaat-huurder die geen huisvesting of opvang heeft of verblijft in de nachtopvang.
[Hier specifiëren wie behoort tot deze subdoelgroep volgens de toewijzingsraad van uw woonmaatschappij]
- De kandidaat-huurder die een instelling of gevangenis verlaat en ergens anders geen woonrecht heeft.
[Hier specifiëren wie behoort tot deze subdoelgroep volgens de toewijzingsraad van uw woonmaatschappij]
- De kandidaat-huurder die in een opvangtehuis, noodwoning, crisisopvang, transitwoning of hotel verblijft.
[Hier specifiëren wie behoort tot deze subdoelgroep volgens de toewijzingsraad van uw woonmaatschappij]
- De kandidaat-huurder die zijn woonrecht verliest en tijdelijk bij familie of vrienden woont.
[Hier specifiëren wie behoort tot deze subdoelgroep volgens de toewijzingsraad van uw woonmaatschappij]
- De kandidaat-huurder waarvan de huurovereenkomst is opgezegd door de eigenaar met een opzegtermijn van minder dan 3 maanden. Of een kandidaat-huurder die de woning verplicht moet verlaten binnen een termijn van 3 maanden.
[Hier specifiëren wie behoort tot deze subdoelgroep volgens de toewijzingsraad van uw woonmaatschappij]
Wie behoort tot deze subdoelgroepen is beslist door onze toewijzingsraad.
Binnen hoofddoelgroep van kandidaat-huurders die in slechte huisvesting wonen, zijn 3 subdoelgroepen van toepassing:
- Een kandidaat-huurder die ergens woont wat officieel geen woning is. Er zijn ook veel gebreken en de basisnutsvoorzieningen zijn er niet of werken slecht. Een voorbeeld is een garagebox.
- Een kandidaat-huurder van wie de woning onbewoonbaar is verklaard op basis van art. 135 van de Nieuwe Gemeentewet of ongeschikt is verklaard met toepassing van art. 3.12 of 3.16 van de VCW als die woning op het technisch verslag minstens 3 gebreken van categorie 2 of 3 onder de hoofdrubrieken Omhulsel of binnenstructuur vertoont.
- De kandidaat-huurder die zijn hoofdverblijfplaats heeft of had in een woning die overbewoond is verklaard.
Belangrijk om te weten:
Binnen pijler 2 (versnelde toewijzingen):
- Telt de lokale binding niet. Versnelde toewijzingen zijn toewijzingen waarbij de dringende woonnood of specifieke omstandigheden van de kandidaat-huurder primeren en aanleiding geven tot een prioritaire behandeling.
[Hier weergeven of de toewijzingsraad van uw woonmaatschappij al dan niet afwijkt van de chronologische volgorde van kandidaten die in aanmerking komen voor versnelde toewijzing.]
- Een welzijnsactor moet een kandidaat-huurder aanmelden om in aanmerking te komen voor een versnelde toewijzing. Een gewone inschrijving is dus niet genoeg om als kandidaat-huurder in aanmerking te komen voor een versnelde toewijzing.
Pijler 3: toewijzing aan specifieke doelgroepen
Pijler 3 is de toewijzing aan kandidaat-huurders die behoren tot een specifieke doelgroep. Slechts 1/3de van onze woningen kunnen we toewijzen aan deze kandidaat-huurders en gebeurt op basis van lokale noden.
De gemeenten van ons werkingsgebied werken met een vastgelegde lijst van doelgroepen die ze voorrang geven. Je kan dit nalezen in het toewijzingsreglement van onze woonmaatschappij.
Het gaat hierbij om volgende specifieke doelgroepen:
- Personen ouder dan 65 jaar
- Jongeren die met begeleiding zelfstandig wonen/gaan wonen
- Personen met een fysieke of mentale beperking of handicap
- Personen in beschut wonen of een tewerkstellingsprogramma
- Personen met een geestelijke gezondheidsproblematiek
- Personen die dak- en thuisloos zijn of dat dreigen te worden
Belangrijk om te weten:
Binnen pijler 3 (toewijzing aan specifieke doelgroepen) telt de lokale binding.
Pijler 4: Interne mutaties wegens dwingende reden en bijzondere toewijzingen
Pijler 4 zijn interne mutaties om dwingende redenen en andere verplichte toewijzingen.
Het gaat om:
- Zittende huurders die moeten verhuizen door sloop, renovatie of verkoop van hun sociale woning.
- Huurders die onderbezet wonen.
- Huurders die overbezet wonen.
- Huurders die niet meer voldoen aan de rationele bezetting.
- Huurders waarvan de vooraf gemelde gezinshereniging plaatsvindt.
- Het niet meer nodig hebben van een aangepaste woning in het kader van een fysieke handicap of een assistentiewoning.
- Kandidaat-huurders die verhaal indienden bij de toezichthouder en gegrond werd bevonden.
- En ten slotte huurders die moeten herhuisvest worden bij de beëindiging van het hoofdhuurcontract van een ingehuurde woning (de SVK-woningen).
Pijler 4 telt niet bij andere vrijwillige mutatie-aanvragen van zittende huurders.
Bijvoorbeeld: een zittende huurder wil verhuizen naar een nieuwe wijk met hetzelfde aantal slaapkamers die hij nu ook rationeel kan bezetten. Dit soort toewijzingen worden in de andere pijlers opgevangen.
De voorrangsregels binnen pijler 4 zijn de volgende:
1° overbezetting van de sociale huurwoning
2° het niet meer nodig hebben van een aangepaste woning (aangepast aan fysieke mogelijkheden personen met handicap en sociale assistentiewoningen)
3° het gegrond vinden van het verhaal bij de toezichthouder
4° kandidaat-huurder moet verplicht zijn private woning verlaten
5° niet meer voldoen aan de rationele bezetting
6° vooraf gemelde gezinshereniging die plaatsvindt
7° het herhuisvesten bij de beëindiging van het hoofdhuurcontract van een ingehuurde woning
8° onderbezetting van de sociale huurwoning
9° wegens sloop-, renovatie- of aanpassingswerkzaamheden aan de sociale huurwoning of omdat de sociale huurwoning wordt verkocht.
Belangrijk om te weten
De voorrangen 1° tot en met 6° moeten we achtereenvolgens toepassen. Bij de voorrangen 7° tot en met 9° kunnen we een absolute voorrang verlenen. [Hier specifiëren of uw woonmaatschappij al dan niet heeft beslist om de voorrangen 7° tot en met 9° met absolute voorrang toe te wijzen.]
Ik wil kopen
Hoeveel moet ik betalen voor een inschrijving op de wachtlijst?
Je betaalt 50 euro per gemeente waarvoor je jezelf inschrijft. Je kan jezelf inschrijven voor meer dan 1 gemeente.
Ik huur
Hoe controleer ik mijn dossier?
Al ingeschreven voor een sociale woning? Je dossier controleren en aanpassen doe je ook online via het Centraal Inschrijvingsregister. Om een aanvraag of wijziging te doen, heb je een elektronische identiteitskaart (eID) nodig, met pincode en kaartlezer.
Heb je geen eID of Itsme of lukt online inschrijven niet? Dan kan onze woonmaatschappij je verder helpen met de inschrijving op kantoor. Je vindt meer informatie op de website van het agentschap Wonen in Vlaanderen. Je leest er welke schermen je zal doorlopen en welke gegevens je best bij de hand houdt.
Andere vragen
Algemene Informatie
Waar kan ik algemene informatie vinden?
Hier zijn enkele handige links met betrekking tot algemene informatie:
- Contact contacteer-ons
- Wooncoaches per regio /regio-wooncoaches
Wie kan ik bereiken bij vragen en problemen?
Heb je een technisch probleem? Is er ergens een storing dat behandeld moet worden?
- Dan kan je een mail sturen naar td@hvw.vlaanderen
Heb je een vraag over jouw dossier? Heb je een vraag over jouw contract?
- Dan kan je een mail sturen naar klantenrelaties@hvw.vlaanderen
Heb je een vraag over jouw huur of afrekening?
- Dan kan je een mail sturen naar fd@hvw.vlaanderen
Heb je een vraag over een afbetalingsplan of heb je hulp nodig bij het betalen van je huur?
Dan kan je een mail sturen naar debiteuren@hvw.vlaanderen
Op werkdagen kan je natuurlijk ook altijd bellen tussen 9.00u en 12.00u naar 02/371.03.30.